Hulp bij credits

U kunt navigeren naar hulpteksten via het menu of u kunt in de Assessmenttool de hulp-link aanklikken en direct op de hulppagina terecht komen.

Deze hulppagina's zijn nog in ontwikkeling

Alleen voor de BRL nieuwbouw zijn op dit moment de eerste pagina's gevuld. Wilt u meewerken aan het schrijven van deze pagina's, of heeft goede ideeën, mail deze dan naar helpdesk@dgbc.nl

Interpretatiedocument

Interpretaties

Om het interpretatiedocument te downloaden moet u rechts eerst de juiste versie van BREEAM-NL selecteren.

  • Ene 26 - Waarborging thermische kwaliteit gebouwschil

Luchtdoorlatendheid

Bij credit-eis 2.1 zevende bullet staat . “Luchtdoorlatendheid per m2 geveloppervlak”, dit dient gelezen te worden als: “Luchtdoorlatendheid per m2 schiloppervlak"

Bij tabel 22 dient de tekst “Luchtdoorlatendheid per m2 geveloppervlak (m3/h.m2) bij 50 Pa (q50)" gelezen te worden als  "Luchtdoorlatendheid per m2 schiloppervlak (m3/h.m2) bij 50 Pa (q50)" 

Datum van publicatie:
25 oktober 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • Hea 11 - Temperatuurregeling

Ruimten groter dan 40 m2

Voor gebruiksruimten met een groot oppervlak moeten aanwezigheden worden voorbereid om bij eenvoudige aanpassingen aan het gebouw de temperatuur te kunnen regelen per 40m2. Voor ruimten die enkele verdiepingen hoog zijn en niet op eenvoudige wijze op te delen zijn in kleinere ruimten, is dit niet logisch. 

Voor ruimten die groter zijn dan 40 m2, maar waarvoor een grootschalige renovatie plaats moet vinden om deze op te kunnen delen in ruimten kleiner dan 40 m2, hoeven niet te voldoen aan de criteria van deze eis. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn voor ruimten met een hoogte van meerdere verdiepingen, zoals entreehallen en atria. Er dient aangetoond te worden dat de ruimte alleen middels een grootschalige renovatie kan worden opgedeeld.

Datum van publicatie:
25 oktober 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • Ene 1 - Energie Efficiëntie
  • Ene 5 - Toepassing duurzame energie

Elektriciteitsopwekking op gebiedsniveau

Bij toepassing van een hernieuwbare elektriciteitsopwekkingsinstallatie op gebiedsniveau, zogenaamde collectieve elektriciteitsvoorziening,  kan deze conform de NVN 7125 worden meegenomen bij de bepaling van de EPC. 

In hoofdstuk 6 van de NVN 7125 wordt ingegaan op de eisen waaraan moet worden voldaan om een maatregel mee te kunnen nemen. In de paragrafen 6.3.1 en 6.3.3 staan de eisen benoemd om een collectieve elektriciteitsvoorziening mee te mogen nemen in de berekening van de EPC.  Dit zijn de volgende:

  1. de collectieve elektriciteitsvoorziening moet plaatsvinden binnen 10 km van het perceel;
  2. de collectieve elektriciteitsvoorziening moet een gelijktijdige en samenhangende ontwikkeling zijn met het gebied;
  3. er is een contractuele verbintenis waarin de opgewekte energie ten behoeve van de EPC wordt verdeeld.

Om de NVN 7125 toe te mogen passen voor ENE 1 en ENE 5 voor elektriciteitsopwekkingsinstallaties op gebiedsniveau, zal moeten worden aangetoond dat aan deze eisen is voldaan. Met het enkel inkopen van garanties van oorsprong  of het gebruiken van bestaande installaties wordt niet aan de eisen van de NVN 7125 voldaan.

Als leidraad kan worden aangehouden dat aan de eisen van NVN 7125 wordt voldaan, indien wordt voldaan aan de onderstaande voorwaarden:

-       de oplevering van de collectieve elektriciteitsvoorziening vindt plaats binnen de periode 2 jaar voor en 2 jaar na de oplevering van het gebouw;
-       dubbeltelling wordt voorkomen door een contractuele verbintenis dat het aandeel energie opwekking enkel voor dit project zal worden gebruikt voor de bepaling van de energieprestatie (EPC en Energielabel);
-       de contractuele koppeling is gewaarborgd voor een periode van minimaal 10 jaar;
-       de gedane investering staat in verhouding tot de meegerekende hoeveelheid duurzame elektriciteitsopwekking.

Indien niet (volledig) aan bovenstaande voorwaarden wordt voldaan, dient nader te worden onderbouwd dat met de voorgestelde collectieve elektriciteitsvoorziening wordt voldaan aan de eisen volgens de NVN 7125.


Datum van publicatie:
25 oktober 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2011 v1.0
  • BREEAM-NL Nieuwbouw - Datacenters 2012 v1.0
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2010 v2.0
  • Man 8 - Veiligheid

Bouwkundige maatregelen veiligheid

In geval het niveau van bouwkundige maatregelen (conform criteria-eisen 1.5 of 1.6) voor het betreffende gebouw niet gewenst is, dienen er alternatieve maatregelen te worden getroffen op basis van een integrale beveiligingsanalyse.

Bij het laten vervallen of vereenvoudigen van de bouwkundige maatregelen op de buitengevel moeten er afdoende alternatieve maatregelen worden getroffen waarmee ten minste dezelfde vertragingstijd (5 minuten tot het inbraakdoel) wordt gerealiseerd. Hiermee mag rekening gehouden worden met een eerdere detectie van een inbraak, loopafstanden op het terrein, tijd om een object te bereiken etc. Ten alle tijden blijft een minimale inbraakwerendheid met bouwkundige maatregelen op de buitengevel van 3 minuten vereist. In de beveiligingsanalyse moet een gedegen incidentenanalyse zijn opgesteld.

Datum van publicatie:
06 juli 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v2.0
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • Man 2 - Bouwplaats en Omgeving

Bewuste Bouwers

De auditscore voor Bewuste bouwers is (per 1 juli 2016) vervangen door een 10 punten schaal, de criteria-eisen moeten als volgt worden gelezen:

Beoordeling volgens bewuste Bouwers versie 2016

  • Eerste punt, eerste criteria-eis: Het te beoordelen project wordt door Bewuste Bouwers erkend waarbij een totaalscore van minimaal 6/10 punten wordt behaald.
  • Tweede punt, tweede criteria-eis: Het te beoordelen project wordt door Bewuste Bouwers erkend waarbij een totaalscore van minimaal 8/10 punten wordt behaald.

Beoordeling volgens Bewuste Bouwers versie 2013

  • Eerste punt, eerste criteria-eis: Het te beoordelen project wordt door Bewuste Bouwers erkend waarbij een totaalscore van minimaal 21/35 punten wordt behaald.
  • Tweede punt, tweede criteria-eis: Het te beoordelen project wordt door Bewuste Bouwers erkend waarbij een totaalscore van minimaal 28/35 punten wordt behaald.
Datum van publicatie:
06 juli 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2011 v1.0
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2010 v2.0
  • Hea 10 - Thermisch comfort

Analytische meting en evaluatie

Criteria-eis 1.3: Een analytische meting en evaluatie van het niveau van algemeen thermisch comfort van het gebouw zijn uitgevoerd.

Voor het ontwerpcertificaat is dit een rapportage en analyse van de temperatuuroverschrijdingsberekeningen zoals voorgeschreven in tabel 17 van de BRL.

Voor het oplevercertificaat is deze 'analytische meting en evaluatie' het verifiëren van het thermisch comfort doormiddel van een praktijkmeting. In ISSO 74 paragraaf 4.3 is een verduidelijking gegeven van de mogelijkheden om deze praktijkmeting in te richten en de vorm waarin de resultaten worden gepresenteerd. Er wordt geadviseerd om deze procedure te volgen.

Een praktijkmeting om het thermisch comfort van het binnenklimaat te verifiëren vereist bepaalde randvoorwaarden, zoals beschreven in ISSO 74 - 4.3. Indien in de periode omstreeks certificering geen tijdsbestek beschikbaar was voor een zinvolle praktijkmeting moet dit onderbouwd zijn door de betrokken partij die de metingen moet uitvoeren én dient opdrachtbevestiging aan de assessor te worden aangeleverd waaruit blijkt dat de praktijkmeting alsnog wordt uitgevoerd.

Op BREEAM.NL/hulp is een korte toelichting gegeven over ISSO 74 – 4.3 Verificatie bij oplevering.

Datum van publicatie:
06 juli 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • Tra 4 - Voetgangers- en fietsersveiligheid

Voetpad vanaf de ingang van fietsenstalling

Criteria-eis 2.2 heeft betrekking op de fietsenstalling en moet gelezen worden als: “Indien er een fietsenstalling aanwezig is: een voetpad loopt vanaf de ingang van de fietsenstalling naar een ingang van het gebouw.”
Datum van publicatie:
06 juli 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • Man 3 - Milieu-impact bouwplaats
  • Mat 5 - Onderbouwde herkomst van materiaal

Chain of Custody projectcertificering

In de criteria staat de chain of custody-certificering van de aannemer(s) beschreven, daarmee is bedoeld de individuele certificering van een aannemer. Echter, een chain of custody projectcertificering is gelijkwaardig en is tevens toegestaan om aan te tonen dat aan criteria-eis wordt voldaan.

Datum van publicatie:
06 juli 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • Ene 1 - Energie Efficiëntie

Technische Checklist A7

1 punt ontbreekt bij de Toepassing hernieuwbare energie:
De volgende tekst moet worden toegevoegd bij de toepassing/eigenschap:
Minimaal 5% van de warmtevraag voor ruimteverwarming en warmwater wordt opgewekt door duurzame energiebronnen op de locatie.

Hier is ook 1 credit voor beschikbaar, dezelfde lijst met aanvullende eisen/hulpmiddelen geldt als voor de elektriciteitsvraag. 

Datum van publicatie:
06 juli 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • Hea 9 - Vluchtige organische verbindingen

Emissienormen vloerlijmen en vloerkitten

In de criteria staat dat voor vloerlijmen en vloerkitten moet worden aangetoond dat wordt voldaan aan de emissienormen uit EN 13999:2007. Deze emissienormen zijn niet meer van toepassing, zie voor de actuele vereisten voor vloerlijmen en vloerkitten het overzicht op de hulppagina via www.breeam.nl/hulp

Datum van publicatie:
06 juli 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2011 v1.0
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2010 v2.0
  • Le 4 - Planten en dieren als medegebruiker van het plangebied

Maatregelen uitvoeren die van betekenis kunnen zijn voor bijzondere of zeldzame natuur(waarden) op regionale schaal

Zowel de te nemen maatregelen ten behoeve van de ecologische waarde van het project als de ecologische waarde op regionale schaal dienen op het gebouw of op de open ruimte rond het gebouw te worden toegepast

Datum van publicatie:
06 juli 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2011 v1.0
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2010 v2.0
  • Wst 1 - Afvalmanagement op de bouwplaats

ISO 14001 gelijkwaardig aan VCA

Eerste punt criteria-eis 5, en tweede punt criteria-eis 3: Een ISO 14001 certificaat is voor de credit WST 1 gelijkwaardig aan een VCA certificaat. Indien een ISO 14001 certificaat kan worden aangetoond vervalt de eis van een VCA certificaat.

Datum van publicatie:
11 april 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2011 v1.0
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2010 v2.0
  • Ene 6 - Minimalisatie luchtinfiltratie laadplatforms en losplatforms

Criterium 7 Gelijkwaardigheid voor sluitingstijd

Indien een laad-/losplatform is uitgevoerd als dockstation met dockseal waarbij de seal voor een luchtdichte situatie zorgt voordat de laaddeur open gaat, komt criteria-eis 7 (sluitingstijd) te vervallen. Het systeem van sealing moet aangetoond worden door productgegevens, tekeningen en bij oplevering foto’s ter plaatse. Let op: een dockshelter voldoet niet.

Datum van publicatie:
11 april 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2011 v1.0
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2010 v2.0
  • Wat 2 - Watermeter

Aanvullende eisen voor Winkel

In de tekst onder aanvullingen op de criteria-eisen wordt bij Winkel foutief verwezen naar “onderstaande aanvullende eisen”. Deze aanvullende eisen zijn verwerkt onder de kop “Waterverbruikende voorzieningen en ruimten”.

Datum van publicatie:
11 april 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • Ene 7a - Energiezuinige koel- en vriesopslag - overige functies

Filtercredit bij koel-/vriesopslag

Pagina 32, bijzonderheden credits en pagina 149, de rechterbovenhoek. Deze credit wordt gefilterd indien in het gebouw geen koel- en/of vriesopslag aanwezig is conform de definitie.

Ter informatie: De assessmenttool filtert de credit automatisch afhankelijk van de projecteigenschappen.

Datum van publicatie:
11 april 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • Wst 3a - Opslagruimte voor hergebruik afval - overige functies

Bewijslast van Afvalstromen

Het eerste bullet van het Benodigd bewijsmateriaal – ontwerpfase, A, 1.1: “De beschrijving van de markering van minstens vier verschillende afvalstromen” komt te vervallen.

Datum van publicatie:
11 april 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • Ene 5 - Toepassing duurzame energie

Haalbaarheidsonderzoek criteria-eisen 1.3 en 1.4

Criteria-eis 1.3: betreft de haalbaarheid van hernieuwbare energiebronnen. Het is aan de assessor om te beoordelen of de onderbouwing voldoende is en of het terecht is wanneer alle hernieuwbare energiebronnen worden uitgesloten van haalbaarheid. Meer toelichting en voorbeelden op de hulppagina www.breeam.nl/hulp 

Datum van publicatie:
08 januari 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • Ene 26 - Waarborging thermische kwaliteit gebouwschil

ENE 26 bij koel- /vrieshuizen

Voor het tweede punt: In geval van koel/-vriesruimten wordt aangeraden gebruik te maken van "Instructie 113 Instructie Luchtdoorlandheid koel- vriescellen (en -huizen) (v1.0, 2015)" om aan te tonen dat aan de ontwerpspecificaties wordt voldaan. Zie breeam.nl 

Datum van publicatie:
08 januari 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2011 v1.0
  • BREEAM-NL Nieuwbouw 2010 v2.0
  • Wat 4 - Zelfsluitende watertoevoer sanitair

Aanwezigheidsdetectie

In de creditcriteria staat ten onrechte “afsluiting van de watertoevoer door aanwezigheidsdetectie is voorzien voor alle toiletfaciliteiten”, in de criteria-eisen worden ook andere mogelijkheden van automatische afsluiting als mogelijkheid beschreven.
De creditcriteria moet als volgt worden gelezen: “automatische afsluiting van de watertoevoer is voorzien voor alle toiletfaciliteiten”. 

Datum van publicatie:
08 januari 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01
  • Wst 2 - Gebruik van secundair materiaal

Verduidelijking totstandkoming toeslagmateriaal.

Ter verduidelijking dienen criteria-eis 1.1 en 1.2 als volgt gelezen te worden:
1.1 Voor elke toepassing (indien aanwezig) is het percentage gerecycled of van een secundaire bron afkomstig toeslagmateriaal (in volume of gewicht), groter dan de in tabel 31 gespecificeerde minimumwaarde om meegenomen te mogen worden voor criteria 1.2 als gerecycled of secundair toeslagmateriaal.

1.2 De totale hoeveelheid gerecycled of van een secundaire bron afkomstig toeslagmateriaal, is groter dan 25% (in volume of gewicht) van de totale hoeveelheid toeslagmateriaal gebruikt in steenachtige constructies zoals gedefinieerd in tabel 31.

Indien voor een toepassing criteria-eis 1.1 niet is behaald dient al het toeslagmateriaal van die toepassing meegeteld te worden in de totale hoeveelheid toeslagmateriaal (de noemer van de breuk) maar mag niet worden meegeteld als gerecycled of secundair toeslagmateriaal (de teller van de breuk). Echter, het is wel mogelijk voor een toepassing te compenseren dat niet aan het minimumpercentage voldoet door bij een andere toepassing een hoger percentage te behalen.

In formulevorm:  

Datum van publicatie:
08 januari 2016
Versie:
  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie 2014 v1.01

Pagina's