Scoren en wegen
Procedure: hoe scoort u met BREEAM-NL Bestaande Bouw en Gebruik?
BREEAM-NL Bestaande Bouw en Gebruik berekent de duurzaamheidprestatie voor drie aspecten:
- Asset (karakteristieken van het gebouw zelf).
- Beheer (exploitatie van de onderdelen van het gebouw).
- Gebruik (hoe de gehuisveste organisatie activiteiten in het gebouw organiseert).
Dit betekent voor alle drie een aparte rating (de Engelse termen zijn Asset, Building Management en Organisational). En dus is het mogelijk om op bijvoorbeeld Beheer hoger te scoren dan op Asset of Gebruik. Bestaande Bouw en Gebruik gebruikt dezelfde 9 categorieën als BREEAM-NL Nieuwbouw, maar die worden dus op drie verschillende niveaus bekeken.
Gedetailleerder antwoorden, hoger scoren
In de ratings voor Asset en Beheer zijn de vragen met verschillend detailniveau in te vullen. Deze niveaus heten ‘Tier levels’. In het Nederlands is deze term moeilijk te vertalen, maar het begrip betekent iets als: niveaus in de mate van diepgang. Een hoger Tier level geeft meer diepgang aan de beantwoording van de vraag en levert meer punten op voor de eindscore.
- Tier 1: minimale bedrijfs- of technische informatie.
- Tier 2: gemiddelde moeilijkheidsgraad en niveau tussen 1 en 3.
- Tier 3: specifieke kennis en gedetailleerde informatie.
Ter verduidelijking … Een Tier 1-vraag voor Asset zou kunnen luiden: “Wordt uw gebouw verwarmd of gekoeld?”, met drie antwoordopties: “Geen idee”, “Alleen verwarmd” en: “Zowel verwarmd als gekoeld”. Een antwoord op een dergelijke vraag levert slechts een beperkt aantal punten op (doorgaans 1). Een Tier 2-vraag over precies hetzelfde onderwerp zou kunnen luiden: “Welk type koeling is in uw gebouw toegepast?”, met specifieke antwoordmogelijkheden als “Fan Coil”, “VRF”, “VAV”, enzovoorts. Een antwoord op zo’n vraag levert meer punten op. Voor Beheer zou een Tier 1-vraag bijvoorbeeld kunnen zijn: “Heeft de organisatie een milieupolicy, -plan, of -managementsysteem?” Is het antwoord ‘Ja’, dan krijgt u een punt, is het ‘Nee’, dan krijgt u er geen. Een Tier 2-vraag luidt echter: “Beschikt uw gebouw over een volledige set milieuhandleidingen?” Dit geeft meer diepgang aan het antwoord over de duurzaamheid en levert dus meer punten op.
Andere aanpak bij Gebruik
Bij de rating voor Gebruik is geen sprake van Tier levels. Hij volgt altijd dezelfde structuur:
- Is er een beleid?
- Hoe wordt dit beleid geïmplementeerd?
- Worden de resultaten van het beleid gemeten?
- Wordt er wat met de uitslag van deze metingen gedaan?
De score loopt hierbij op. Bijvoorbeeld: als er een beleid is, krijgt u één punt; als u kunt aantonen dat dit goed geïmplementeerd is, krijgt u twee punten; als er meetgegevens zijn, krijgt u drie punten en als de meetgegevens daadwerkelijk gebruikt worden om het beleid aan te scherpen, krijgt u vier punten. Bewijzen zijn hierbij cruciaal. Het is niet voldoende om te zeggen dat er wat met de metingen wordt gedaan om de hoogste score te halen, u moet dit steeds kunnen aantonen. Voor de goede orde: deze puntenverdeling is slechts een voorbeeld. Het echte aantal punten kan anders zijn, maar de score zal wel op de beschreven manier oplopen.
Hoe ziet de score er uit?
De uiteindelijke scores worden op dezelfde manier weergegeven als bij BREEAM-NL Nieuwbouw; met sterren en een classificatie (bijvoorbeeld ‘Very Good’). Maar met dus het cruciale verschil dat de scores ook per rating worden gegeven. En omdat u bij bestaande bouw soms met hele oude panden te maken heeft, is er onder Pass een classificatie toegevoegd: Acceptable. Het maximum aantal sterren stijgt daarmee van 5 naar 6. Al met al ziet het scorebord er zo uit:
< 10 procent Unclassified
> 10 procent Acceptable *
> 25 procent Pass **
> 40 procent Good ***
> 55 procent Very Good ****
> 70 procent Excellent *****
> 85 procent Outstanding ******

