Procedure
Procedure: hoe zit BREEAM-NL Bestaande Bouw en Gebruik in elkaar?
BREEAM-NL Bestaande Bouw en Gebruik kijkt niet alleen naar de gebouweigenschappen, maar ook naar het beheer en het gebruik van het gebouw. Dit is terug te vinden in een verdeling in Asset, Beheer en Gebruik.
- Het gebouw, valt onder Asset.
- Exploitatie van het gebouw, valt onder Beheer.
- Hoe gebruikers hun activiteiten in het gebouw managen, valt onder Gebruik.
De grens wordt hierbij niet getrokken op basis van verantwoordelijkheden van de eigenaar, beheerder of huurder – want dat kan in ieder contract verschillend zijn – maar op basis van de bovengenoemde definities.
Daarnaast is BREEAM-NL Bestaande Bouw en Gebruik in verschillende ‘stappen’, op te bouwen net als het oorspronkelijke Engelse keurmerk van de BRE: BREEAM in Use. Een groot en direct in het oog springend verschil met BREEAM-NL Nieuwbouw. Bestaande Bouw en Gebruik heeft een heel ander karakter.
Meer flexibiliteit
Deze indeling in ‘Stap 0: Basic building details’; ‘Stap 1: International Benchmark KPI’; ‘Stap 2: checklists en self assesments’ en ‘Stap 3: Certificering’, biedt de geïnteresseerde meer flexibiliteit in het toepassen van de standaard op bestaande gebouwen. Zo kan BREEAM-NL Bestaande Bouw en Gebruik, zonder iemand te verplichten direct voor een dure certificering te gaan, toch een bijdrage leveren aan (het werken aan) de verduurzaming van de bebouwde omgeving. Voor ‘Basic building details’ en Stap 1 is de internationale database van ISA onontbeerlijk. De voortgang van de ontwikkeling van het keurmerk als geheel hangt dus af van hoe snel die gerealiseerd kan worden.
Benchmark en KPI’s
In BREEAM-NL Bestaande Bouw en Gebruik spelen de begrippen ‘Benchmark’ en ‘KPI’ een belangrijke rol. Benchmarken betekent de assets van verschillende eigenaren onderling vergelijken. De database die de ISA opbouwt, wordt hierin het belangrijkste hulpmiddel. Het vergelijken kan op verschillende manieren: binnen een gebouwportfolio, op soortgelijke gebruikers, per vraag, per categorie en zowel binnen Nederland als binnen Europa. KPI betekent Key Performance Indicator. Voorbeelden van KPI’s zijn energie- en waterverbruik. Ze worden per asset in de database opgenomen. Het zijn deze KPI’s die onderling vergeleken worden en vervolgens uitwijzen welke van de assets het duurzaamst is.
Oorsprong
BREEAM-NL Bestaande Bouw en Gebruik is gebaseerd op het BREEAM in Use UK systeem ontwikkeld door het Engelse Building Research Establishment (BRE). Dit systeem wordt sinds maart 2009 operationeel gebruikt. Na de afronding van Bestaande Bouw en Gebruik gaat de overlap tussen het Nederlandse en Engelse systeem de basis vormen voor BREEAM in Use International. De DGBC is de eerste nationale council die het product BREEAM In Use vertaalt naar de lokale praktijk. BREG (BRE Global) blijft echter eigenaar van de merknaam BREEAM en zal dus meepraten in veel van de Nederlandse ontwikkelingen.
Bijzondere kenmerken
De fysieke eigenschappen van een asset worden apart van het gebouwbeheer onderzocht. Bestaande energiemeetinstrumenten worden (in de toekomst) geïntegreerd met de bestaande wetgeving. Bestaande Bouw en Gebruik is geschikt voor toepassing op een enkel gebouw, maar ook op een hele portfolio. Verder biedt het de mogelijkheid om later gefaseerd nieuwe gedetailleerde informatie toe te voegen. Het keurmerk is toepasbaar op gebouwen van alle leeftijden en bekijkt niet alleen duurzaamheid, maar ook veiligheid. Bestaande Bouw en Gebruik biedt organisaties de mogelijkheid om hun assets zelf te beoordelen, maar kan uiteindelijk ook leiden tot een onafhankelijk certificaat.
Adviesgroep
Bij de DGBC is de ontwikkeling van BREEAM-NL Bestaande Bouw en Gebruik in handen van de Adviesgroep Bestaande Bouw en Gebruik. Deze heeft drie ‘losse’ werkgroepen opgezet: Asset, Beheer en Gebruik. De eisen en andere benodigdheden voor het keurmerk worden door de leden van de werkgroepen op hun eigen expertiseveld uitgewerkt. De Adviesgroep brengt hun inzichten samen en adviseert vervolgens het bestuur van de DGBC over de ontwikkeling van het keurmerk. Zowel de werkgroepen als de Adviesgroep bestaan uit mensen met veel ervaring en deskundigheid. In overeenstemming met de DGBC-doelstelling ‘all parties concerned’ komen ze uit verschillende organisaties die ieder deelgebied van de bouw- en vastgoedbranche beslaan.
De leden van de Adviesgroep Bestaande Bouw zijn:
- Joost Bennekers, Traject
- Alfred van den Bosch, De Alliantie
- Johan Buijs, NSI
- Hans Copier, ING REIM
- Herman Eijdems, Rijksgebouwendienst
- Jan Pieter Klep, DTZ Zadelhoff
- Agnita Korsten, AOS
- Erik van Langeveld, Bouwfonds
- Jan Roersen, Grontmij
- Patrick Teunissen, Gemeente Amsterdam
- H. Scherpenzeel, Agentschap NL
- Rogier Verbeek, Facilicom
- Klaas Voet, Corio
- Henk Vlug, Fortrus
- Derk Welling, Redevco
DGBC Projectmanager Sannie Verweij treedt voor deze Adviesgroep op als secretaris.

